Natuurwerkdag zaterdag 1 november 2025

Op zaterdag 1 november 2025 aanstaande is het weer de nationale Natuurwerkdag, meldt je aan om mee te helpen in de Gaas, elke jaar is er een hele gezellig groep vrijwilligers aanwezig er is plaats voor 30 personen, er is sanitaire voorzien aanwezig gesponsord door Boels Beheer.
Wat ga je doen?
Het heidegebied de Gaas ligt in Stadsbos013 en aan de rand van de Tilburgse wijk De Reeshof. Ieder jaar gaan we hier aan de slag om de kwaliteit van het heidegebied te verbeteren. Handen uit de mouwen om bomen en struiken weg te zagen. Van dat hout maken we hier en daar takkenrillen. Samen maken we het gebied nog mooier voor de mens en de natuur.
Voor tussen de middag wordt voor koffie/thee en een lunch gezorgd.
Op de locatie is werkgereedschap aanwezig.
Resultaat
Door het gebied open en gevarieerd te houden, kunnen bijzondere dieren en planten op de Gaas leven. Denk maar aan de Levendbarende hagedis, allerlei wilde bijen en wespen, en natuurlijk doet de hei het ook steeds beter. De Stekelbrem en de Kruipbrem steken ook steeds vaker hun gele kopjes boven de hei uit.

De Keizersmantel

De Keizersmantel

De keizersmantel is een grote en opvallende vlinder met een vleugellengte van 27 tot 35 mm. Aan de enterhaakvormige vlekken op bovenkant van de vleugels kan men de mannetjes herkennen. De onderkant van de achtervleugel is groenig met zilverkleurige strepen.

Een vrij grote (spanwijdte 53 – 65 mm) en krachtige vlinder, de bovenzijde is oranje met zwarte vlekken en strepen, wat typerend is voor de parelmoervlinders. Het vrouwtje heeft meestal een groenachtige tint. Het lichaam is behoorlijk krachtig met korte, gouden haren, het hoofd is groot met grote facetogen, de roltong is goed ontwikkeld, de labiale palpen zijn relatief lang, puntig naar het uiteinde, naar voren en naar boven. De antennes zijn ongeveer half zo lang als de voorvleugels, met een gemarkeerde antenneknots, geel getipt. De voorvleugel is afgerond driehoekig, oranje met zwarte vlekken. Bij het mannetje zijn de vlekken in het midden van de vleugel samengegroeid tot lengtestrepen. De onderkant van de voorvleugel is vergelijkbaar met de bovenkant, maar de grondkleur is iets bleker, de donkere vlekken kleiner en die het dichtst bij de vleugelpunt zijn groen. De achtervleugel is breed en rond, met een golvende buitenrand. De onderkant van de achtervleugel is groen met diffuse, zilverachtige dwarsbanden, zonder zilverachtige vlekken. Dit is hoe het verschilt van alle andere Noorse parelmoeren vleugels. Het ei is geelachtig, kegelvormig met een afgeknotte top, met 25 longitudinale ribben. De larve (rups) is cilindrisch, bruin, bekleed met lange, vertakte, heldere doornen. De twee leidende stekels zijn lang en naar voren gericht en lijken op sensorische hoorns. De pop is grijsbruin met een zwartbruin net patroon.

Bron Wikipedia Foto Tonnie Verheijden

 

Vakantie in Maarn

Vakantie in Maarn – tussen heide en bossen

De reis

Eindelijk was het zover: mijn vakantie naar Maarn, samen met mijn vriendin en hondje Maxi. Voor het eerst zou ik met de rolstoelbus reizen, zodat ik mijn scootmobiel mee kon nemen. Best een spannend moment.

De bus arriveerde keurig op tijd en de chauffeuse reed de scootmobiel op de lift. Maar toen ze hem de bus in wilde rijden, ging het even mis: in plaats van vooruit schakelde ze naar achteruit en tot onze schrik viel de scootmobiel naar beneden. Een angstig moment! Gelukkig bleef hij met de voorbeugel een beetje aan de lift hangen. Ik stelde voor om de lift rustig te laten zakken en zo kwam de scootmobiel weer netjes op zijn wielen terecht. Opluchting alom – en gelukkig werkte alles nog.

De rest van de reis verliep vlekkeloos, de wegen waren rustig en bij aankomst stond mijn dochter al op me te wachten. Even later kwam ook mijn vriendin met de auto, volgeladen met spullen voor ons weekje vakantie. Toen mijn dochter en schoonzoon weer naar huis gingen, konden wij onze intrek nemen in hun vakantiewoning.

De natuur

Wat een fijne week werd het! De omgeving van Maarn is prachtig. De heide stond volop in bloei – een paars tapijt dat zich uitstrekte tot aan de horizon. Samen trokken we eropuit: mijn vriendin te voet en ik met de scootmobiel of met mijn Nordic Walking-stokken. Met wat pauzes tussendoor lukte het goed en konden we echt genieten van de rust en de frisse boslucht.

’s Avonds zaten we heerlijk buiten op het terras, vaak tot in de late uurtjes, terwijl de vogels hun avondlied zongen.

Het dorp Maarn

Ook het dorp bracht gezelligheid. Samen boodschappen doen, hier en daar een terrasje pakken, genieten van een drankje, een hapje eten en natuurlijk trakteren op heerlijk Italiaans ijs. Kleine momenten die zo waardevol zijn.

Mooie herinneringen

Het werd een week vol prachtige herinneringen: natuur, ontspanning, gezelligheid en vooral het fijne gevoel van vrijheid om weer samen op pad te kunnen. Voor herhaling vatbaar!

 

Kolibrievlinder

Kolibrievlinder

Deze pijlstaart heeft, door de manier waarmee hij snel van bloem tot bloem vliegt en daarvoor stilstaat in de vlucht, veel weg van een kolibrie. In de vlucht is de oranjebruine kleur van de achtervleugel en van de onderkant van de voorvleugel duidelijk zichtbaar. De bovenkant van de voorvleugel, de kop, het borststuk en een groot deel van het achterlijf zijn warmbruin met een grijsachtige tint.

Vliegtijd, Februari-november. De meeste waarnemingen worden gedaan in augustus en september. De laatste jaren wordt deze soort ook af en toe waargenomen in het vroege voorjaar en er is in elk geval één overwinterend exemplaar waargenomen. De vlinders vliegen overdag, vooral bij zonnig weer maar soms ook bij bewolking of zelfs in lichte regen; ze bezoeken allerlei soorten planten met buisvormige bloemen. Ze worden ook af en toe in de schemering of in het donker waargenomen.

Bron: vlindernet.nl Foto Tonnie Verheijden

 

Groot Dikkopje

Groot Dikkopje

De voorvleugel varieert in lengte tussen de 12 en 15 millimeter en is aan de bovenkant oranje/bruin en aan de onderkant geel/bruin met lichte vlekken. Bij de mannelijke vlinder zijn op de voorvleugels donkerkleurige geurschubben te zien.

Het leefgebied van het groot dikkopje loopt van Europa via Noord-Azië tot Japan. De vlinder komt voor in bosrijke gebieden op vochtige, matig voedselrijk grasland. In berggebied komen ze tot een hoogte van 1800 à 2000 meter voor De vliegtijd is van juni tot in augustus met jaarlijks één generatie.

Bron Wikipedia Foto Tonnie Verheijden

 

Klein geaderd Witje

Vanmiddag een klein geaderd Witje tegengekomen tijdens mijn kleine wandeling,

De voorvleugellengte is 20 tot 24 millimeter. De grondkleur van de vleugels is wit, op de onderzijde is de ondervleugel en de vleugelpunt van de voorvleugel soms geel. De aders zijn aan de onderkant van de vleugels groengrijs bestoven, dit is echter in de zomer aanzienlijk minder duidelijk dan in het voorjaar. De soort is dan niet makkelijk te onderscheiden van het klein koolwitje. Aan de bovenzijde van de voorvleugel heeft het mannetje een zwartige stip, het vrouwtje twee. De vlek aan de vleugelpunt (apex) is gelobd, en loopt naar beneden toe druppelsgewijs af.

Bron Wikipedia  Foto Tonnie Verheijden

De Gaas

Heel mijn leven staat in het teken van de natuur – van alles wat groeit en bloeit.

Sinds 2006 ben ik initiatiefnemer voor het behoud van de heide in De Gaas. Elk jaar organiseer ik samen met een groep enthousiaste vrijwilligers de jaarlijkse Natuurwerkdag in dit prachtige gebied.

Sinds twee weken heb ik een scootmobiel – en dat betekent dat ik eindelijk weer naar De Gaas kan gaan! Op zoek naar vlinders, vogels en planten om te fotograferen.

Sinds ik drie jaar geleden verhuisd ben, mis ik dat dagelijkse contact met de natuur nog altijd. Ik woonde toen direct naast de heide, en samen met mijn hondje liep ik drie keer per dag over de heide en door de bossen. Op zoek naar spechten en andere wilde vogels.

Dat gaf zó’n goed gevoel. En nu ik weer mobiel ben, kan ik die verbondenheid met de natuur opnieuw ervaren. Eindelijk kan ik ook mijn website weer aanvullen met nieuwe natuurfoto’s!

Oranjezandoogje en een Witbaardzandbij

 

Oranje zandoogje en een Witbaardzandbij, samen in de Gaas gefotografeerd.

Het oranje zandoogje heeft een voorvleugellengte van 21 tot 28 millimeter. De bovenzijde van de vleugels is oranje met een brede bruine rand. Bij de mannetjes loopt over de voorvleugel een brede bruinzwarte geurstreep. Bij de apex bevindt zich in het oranje veld een zwarte vlek met twee witte puntjes. Verwarring is mogelijk met het vrouwtje van het bruin zandoogje, dat een oranje vlek op de voorvleugel heeft en soms ook een dubbel wit puntje in de zwarte vlek. Het bruin zandoogje is echter groter dan het oranje zandoogje, de oranje tekening is bij het bruin zandoogje meestal kleiner en minder strak omrand en ontbreekt vrijwel op de achtervleugel. Bovendien wordt in rust de rand van de voorvleugel bij het bruin zandoogje meer naar achter gebogen dan bij het oranje zandoogje.

Bij het Witbaardzandbijtje wordt een vrouwtje 10 tot 12 millimeter lang, het mannetje 9 tot 11 millimeter. De soort vliegt van maart tot en met juli, met een piek eind april (mannetjes) en begin mei(vrouwtjes). De soort leeft in nesten die zij zelf graven in zand zonder begroeiing. Soms zijn er grote groepen nesten bij elkaar. De nesten worden, ook als de ingang onder zand verdwijnt, door geursporen teruggevonden. De bij vindt zijn voedsel bij bloeiende bomen, met name wilgen. De witbaardzandbij vliegt zo’n 300 tot 500 meter van het nest om te foerageren.

Bron Wikipedia Foto Tonnie Verheijden

 

De Hoedster van de Heide 2016

 

dit is een stuk uit de krant van AD 18-10-2016

Hoedster van de heide in de Reeshof.

TILBURG – Jarenlang genoot Tonnie Verheijden van de heide aan de Witbrand in de Reeshof. Tot het gebied niet meer werd onderhouden. In plaats van bij de pakken neer te gaan zitten, pakte ze de handschoen op en ging zelf aan de slag. Straks weer tijdens natuurwerkdag.

Kolibrievlinder

Kolibrievlinder,

De Kolibrievlinder is een gewone trekvlinder die in wisselende aantallen in het hele land kan worden waargenomen; 100 tot 200 waarnemingen per jaar is normaal, maar in warme zomers zijn het er soms vele duizenden.

Vrijwel alle biotopen; ook tuinen. Waardplanten Walstrosoorten; ook meekrap.

Vliegtijd en gedrag

Februari-november. De meeste waarnemingen worden
gedaan in augustus en september. De laatste jaren wordt deze soort ook af en toe
waargenomen in het vroege voorjaar en er is in elk geval één overwinterend
exemplaar waargenomen. De vlinders vliegen overdag, vooral bij zonnig weer maar
soms ook bij bewolking of zelfs in lichte regen; ze bezoeken allerlei soorten
planten met buisvormige bloemen. Ze worden ook af en toe in de schemering of in
het donker waargenomen.

LevenscyclusRups: mei-oktober. De meeste rupsen worden waargenomen in
augustus. De rups verpopt zich in een losse cocon die dicht bij de grond of
tussen bladeren van de waardplant gesponnen wordt.

Bron www.vlindernet  Foto Tonnie Verheijden